zondag 27 februari 2011

Mannenvoer voor druilerige zondagen.

Vandaag ga ik een beetje off-topic. Let wel; een beetje. Iedereen die namelijk regelmatig een dagje in de buitenlucht vertoeft weet immers wat de waarde van een goed bordje eten aan het einde van zo'n dag is. Helemaal als het een koude en natte, zeg maar lekker Hollandse dag geweest is. En hoewel ik in alle eerlijkheid vandaag misschien vijf minuten buiten ben geweest, leek mijn zondagsactiviteit me toch relevant genoeg om hier met de wereld te delen. Vandaag schafte de pot goulash en heb ik dus een goed deel van m'n zondag in de keuken staan klooien om dit in elkaar te draaien. Dit stoofgerecht, waarvan inmiddels de nodige, al dan niet authentieke varianten bestaan en wat van origine gemaakt werd door Hongaarse veedrijvers, is natuurlijk mannenvoer bij uitstek.

Uit verschillende recepten heb ik naar eigen smaak het volgende ingrediëntenlijstje (voor ongeveer 4 personen) gedestilleerd:

• 400-500 gram runderlappen
• 3-4 middelgrote paprika's, grof gesneden
• 2 uien
• 3 teentjes knoflook
• 4 aardappelen, vastkokend
• een doosje champignons
• een chilipepertje
• een blikje tomatenpuree
• 5 dl runderbouillon
• 1-2 eetlepels paprikapoeder
• een paar takjes tijm
• 150 gram boter
• 2-3 eetlepels bloem

En natuurlijk de bereiding. Het vlees in hapklare stukken snijden en goed rondom bruin bakken in de boter. De gesneden uien (ik heb ze graag wat substantiëler, dus in halve ringen gesneden, maar versnipperd kan natuurlijk ook), knoflook en paprika toevoegen en aanfruiten. Het paprikapoeder toevoegen en even zachtjes meebakken. Daarna de tomatenpuree toevoegen en goed doorroeren om te ontzuren. Vervolgens geleidelijk de bouillon toevoegen en het geheel zachtjes aan de kook brengen. De tijm en het gesneden pepertje toevoegen en het geheel 2 uur lang op laag vuur laten sudderen.
In de tussentijd kunnen de champignons in plakjes worden gesneden en in een koekenpan mooi bruin worden aangebakken. Ook de aardappelen kunnen alvast worden geschild en in blokjes worden gesneden. Voeg na de 2 uur sudderen de aardappelblokjes toe en laat de piepers nog zo'n drie kwartier zachtjes meegaren. Smelt in een klein pannetje wat boter en voeg al roerende de bloem toe. Laat deze roux afkoelen en doe het daarna in de stoofpan om het geheel te binden. De voorgebakken champignons kunnen als laatste worden toegevoegd. Serveer met rijst of een mooi dik gesneden stuk brood.




















Reken maar dat dat er goed ingaat na een dagje banjeren door een winterse Hollandse polder. Tevens natuurlijk bijzonder geschikt als hartverwarmer na een dag jagen, schapen hoeden, houthakken, klussen, of andere uitermate mannelijke activiteit naar keuze. En hoewel dit geen blog over koken is en het dat ook nooit gaat worden, vormt een goed bordje eten voor mij zo'n belangrijk onderdeel van een visdag, dat ik ook niet helemaal kan beloven dat het de laatste keer is geweest dat ik verslag doe van mijn avonturen in de keuken.

zondag 20 februari 2011

Meer voorpret met nieuw speelgoed.

Afgelopen vrijdag lag er bij thuiskomst wat moois op me te wachten. De dobbertjes die ik een paar weken geleden door de Engelsman Andrew Field heb laten maken voor de opening van Vechtcompetitie van dit seizoen waren blijkbaar afgerond en verstuurd. Drie handgemaakte kurken vlagzalmdobbers, met subtiele onderlinge verschillen. Bij alledrie de dobbers is de stok gemaakt van de slagpen van een watervogel. Alleen is de ene pen van een gans, de tweede van een zwaan, en de derde van een Kaapse eend afkomstig. De stokken hebben een mooie natuurlijke kromming. In de lak zijn bij alledrie de dobbertjes de veertjes van jawel, een ijsvogel verwerkt. Maar ook hier is er bij de verschillende dobbertjes weer een verschillend type veertje gebruikt. Tenslotte zijn de dobbers voorzien van onze initialen en achternamen. Als ik zeg dat het ware juweeltjes zijn lieg ik niet. Sterker nog, ik heb inmiddels een behoorlijke crush op het kleinood met mijn naam erop ontwikkeld.
























































Nou zijn vlagzalmdobbertjes natuurlijk voornamelijk ontworpen om vlagzalm mee te vangen, dus om er op relatief snelstromend water mee te trotten en niet direct om er op langzaamstromend water mee op brasem, zeelt en voorn te vissen. Maar dat doet er eigenlijk weinig toe. De dobbers dienen vooral ceremoniële doeleinden en als toekomstige aandenkens aan een gouden tijd. Op een gegeven moment realiseer je je gewoon dat de ontspannen zomeravonden met een paar maten aan de locale laaglandrivier je genoeg waard zijn om ze in een bepaalde vorm voor later te bewaren. En als je dan toevallig op dat moment tegen een ambachtsman annex liefhebber aanloopt die zulke kunstwerkjes uit zijn handen laat komen, is één en één al snel twee. En natuurlijk ga ik het niet kunnen laten om er mee te vissen. Want hoewel het er bij deze dobbers misschien om zal hangen, blijft toch het mooiste aspect aan een dobber het verdwijnen ervan. Die ijsvogelveertjes moeten bovendien toch echt wel voor het nodige geluk zorgen, dat kan haast niet anders. Bovendien is ermee vissen bijna een garantie op een mooi verhaal, wellicht zelfs met bijbehorende fotoroman. Want reken maar dat ik de plomp in ga als ik 'm aan een waterlelie laat hangen.

Tenslotte, neem even een kijkje op Andrews blog en bewonder zijn werk. Nee, ik heb geen aandelen. Maar iemand die vanuit pure liefhebberij zulke prachtige dingen maakt support ik graag.