zondag 5 september 2010

Terug in de polder.

Dit weekend weer een paar uurtjes gevliegvist op z'n Hollands. Met een nimfje in een polderslootje achter de ruizers aan dus. Met name gisteren heb ik al mijn eerdere prietpraat over het nimfvissen mooi in de praktijk kunnen brengen, want de rooie rijers hadden er zin in. Kwestie van het nimfje strak tegen de rietkraag aan de overkant van de sloot leggen, en tijdens het afzakken verraadden de ruisvoorns zichzelf meestal al met een golfje, een rukje aan de vliegenlijn of een weglopende leader. Zo kwamen er in twee uurtjes tijd zo'n 30 op kant, in grootte wisselend van maatje wijsvinger tot een handjevol leuke hengelbuigers van rond de 25 cm.




















Opvallend was dat alle voorn aanbeet tijdens het afzinken van de nimf na de eerste worp; geen enkele vis werd tijdens het binnenstrippen verschalkt. Vandaag was het totaal anders. De azende vis zwom her en der rond in schooltjes en moest gezocht worden. Aanvankelijk pakten alleen een paar jonge windes (die overigens allemaal een slagje groter en dikker waren dan het formaat dat ik een paar maanden geleden ving; de voedselrijke zomer heeft z'n werk duidelijk gedaan.) en wat later wist ik op zicht ook een enkele ruisvoorn te verleiden. Bij elkaar lekker wat uurtjes buiten doorgebracht dus. Toch mis ik de Ardennen een beetje.

De eerste week september, en de herfst hangt al goed in de lucht. Over die herfst zal het laatste woord nog wel niet gesproken zijn ben ik bang.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen